De mooiste steden van Georgië

Georgië is geen land dat je begrijpt vanuit één stad. Tbilisi is de drukke, veelkleurige hoofdstad. Batumi ligt aan de zee. Kutaisi draagt de oudste geschiedenis. Mestia en Stepantsminda zijn bergdorpen die eerder op een decor lijken dan op een bewoonde plek. Elke stad heeft een ander karakter, een andere sfeer, een andere reden om er even te stoppen.

Tbilisi: warm en eigenzinnig

De naam "Tbilisi" komt van het Georgische woord voor warm, tbili. In de vijfde eeuw gaf koning Vakhtang Gorgasali opdracht om een stad te stichten op de plek waar hij warme zwavelwaterbronnen ontdekte. Die bronnen zijn er nog steeds, in het oudste stadsdeel Ortachala, met zijn koepelvormige badhuizen in warm oranje en rood.

Tbilisi is een stad waar architecturen door elkaar groeien: Georgische, Perzische, Russische, art-nouveau. Waar een orthodoxe kathedraal, een moskee en een synagoge op hetzelfde plein staan. Waar gammele houten balkons uitkomen op smalle binnenplaatsen. En waar je 's avonds in een buurt met wijntavernes en straatmuzikanten terechtkomt die je in de reisgids niet had gevonden.

Vanaf de vestingmuren van de Narikala-burcht kijk je over de hele stad. Dat is het moment waarop je begrijpt waarom mensen die hier eenmaal zijn geweest, altijd terugkomen.

Batumi: de stad aan de Zwarte Zee

Batumi is de grootste havenstad aan de Georgische kust en heeft iets van een resort, iets van een handelsstad en iets van een Europese boulevard. Forbes plaatste het in de top vijf van beste herfstbestemmingen, maar Batumi werkt in elk seizoen.

In de smalle straten van het oude centrum ruik je koffie die boven zand wordt gezet. Op de boulevard staat het Ali-en-Nino-beeld, twee figuren die langzaam naar elkaar toe bewegen en samensmelten, symbool van de liefde tussen een Azerbeidzjaan en een Georgische prinses. En in de heuvels achter de stad beginnen de theeplantages van Adjara, op een halfuur rijden van het strand.

Kutaisi: de oudste hoofdstad

Kutaisi was de eerste hoofdstad van een verenigd Georgië, in de tiende eeuw. Maar de stad is veel ouder: de Grieken noemden haar Aia, en zij was het koninkrijk van de mythische Medea. Het Gulden Vlies dat de Griekse held Jason met zijn Argonauten zocht, lag hier.

Vandaag domineert de Bagrati-kathedraal het stadssilhouet, boven op een heuvel met uitzicht over de rivier. Even buiten de stad liggen het Gelati-klooster, een UNESCO-monument met een beroemde middeleeuwse academie, en de Prometheus-grot met haar zalen vol stalactieten. In de straatjes van Kutaisi bakken ze de beste Imeretische khachapuri van het land, met die licht zoute, zachte witte kaas.

Stepantsminda: dorp onder de berg

Stepantsminda, ook bekend als Kazbegi, ligt aan de voet van de Kazbek, een vulkaan van 5.047 meter hoog die vrijwel het hele jaar in de sneeuw staat. Het dorp heeft een paar duizend inwoners, een handvol guesthouses en een kerk op een rots die elk bezoeker op de foto zet: de Gergeti Drievuldigheidskathedraal, op 2.170 meter hoogte, met de bergtop erachter.

De omgeving is een vertrekpunt voor wandelingen van een uur tot meerdaagse tochten door de Truso-vallei, naar de Devdoraki-gletsjer of over de Juta-pas. In de winter zijn er skimogelijkheden en sneeuwschoenwandelingen. En na een lange dag in de bergen schuif je aan bij een lokale familie: zelfgemaakte wijn, gegrild vlees en verhalen over de bergen tot laat in de avond.

Mestia: torens en gletsjers

Mestia is de hoofdplaats van Svaneti, het berggebied in het noordwesten van Georgië. De stad is klein, maar overal staan middeleeuwse verdedigingstorens, de kenmerkende Svanetiaanse bouwwerken die families vroeger gebruikten als schuilplaats bij aanslagen. Ze staan er nog steeds, tientallen, als een stenen woud.

Rondom Mestia steken de Ushba en de Tetnuldi hoog boven alles uit. In de zomer lopen wandelaars naar de gletsjer van Chalaadi of door de valleien richting Ushguli, het hoogst bewoonde dorp van Europa. In de winter is er het skigebied van Hatsvali. Maar wat Mestia het meest bijzonder maakt, zijn de Svanen zelf: een volk met eigen tradities, eigen gerechten en een liefde voor hun bergen die je nergens anders tegenkomt.

Telavi: het hart van de wijnstreek

Telavi is de hoofdstad van Kakheti, de wijnregio in het oosten van het land. De stad ligt op een heuvelrug boven de Alazani-vallei, met uitzicht op het Kaukasusgebergte aan de horizon. In het centrum staat een plane tree van negenonderd jaar oud die zo groot is geworden dat hij zijn eigen plein vult.

Rondom Telavi liggen wijnkelderijen, middeleeuwse kloosters en de ruïnes van de vesting van koning Erekle II. De wijn die je er drinkt, is van de boer wiens oprijlaan je net hebt ingedraaid.